M&T Metaalbewerking

terug

De belangrijkste onderwerpen uit de cao lees je op deze pagina. De informatie is gesplitst in drie delen:

Deel A
Basis arbeidsvoorwaarden voor uitzendkrachten én payrollkrachten

Deel B 
Extra arbeidsvoorwaarden voor uitzendkrachten

Deel C
Extra arbeidsvoorwaarden voor payrollkrachten

 

Het verschil tussen payroll- en uitzendkrachten staat hier uitgelegd.

Uitgelicht

Deel A: basis voor uitzend- en payrollkrachten

Welke referentiefuncties kent de cao? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

In onderstaande bijlagen vind je de referentiefuncties per functiefamilie.

Bijlagen

Deel B: uitzendkrachten

Deel C: payrollkrachten

Deel A: basis voor uitzend- en payrollkrachten

Arbeidsduur

Klik hier om de link naar dit onderdeel te kopiëren.
Wat is het aantal uur in een standaard werkweek? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De standaard arbeidsduur is 38 uur per week.

Bron: artikel 18

Wat is het aantal uur op een standaard werkdag? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De standaard werkdag valt tussen 06.00 en 18:00 uur. 

Bron: artikel 17

Overwerk en toeslagen

Klik hier om de link naar dit onderdeel te kopiëren.
Welke afspraken zijn er voor overuren? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

Er is sprake van overuren als de werknemer buiten zijn werkrooster werkt, maar deze uren geen verschoven uren zijn (zie onderdeel 'verschoven uren'). Voor deze uren gelden de volgende percentages van het bruto uurloon:

Dagen  Uren  Percentage
Ma - vr De eerste twee overuren 127,68%
Ma - vr Overige overuren 147,44%
Zaterdag Alle uren 147,44%
Zon- en feestdag Alle uren 183,92%


De werknemer kan kiezen op welke manier de overuren en toeslagen worden uitbetaald:

  • Overuren en toeslagen in geld;
  • Overuren en toeslagen in pensioen;
  • Overuren in tijd, en toeslagen in geld of pensioen (maximaal 10 dagen per jaar).

Bron: artikel 17 en 42

Welke afspraken zijn er voor onregelmatigheidsuren? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

In onderstaande tabellen staat aangegeven op welke momenten werknemers een buitendagvenstertoeslag ontvangen op hun bruto uurloon.

Voor het standaard dagvenster 06.00 – 18.00 uur:

Tijd  Percentage
00.00 - 06.00 uur 150,16%
18.00 - 21.00 uur 115,2%
21.00 - 24.00 uur 130,4%


Voor het dagvenster 07.00 – 19.00 uur:

Tijd  Percentage
00.00 - 06.00 uur 150,16%
06.00 - 07.00 uur 115,2%
19.00 - 21.00 uur 115,2%
21.00 - 24.00 uur 130,4%


Voor het dagvenster 08.00 – 20.00 uur:

Tijd  Percentage
00.00 - 06.00 uur 150,16%
06.00 - 08.00 uur 115,2%
20.00 - 21.00 uur 115,2%
21.00 - 24.00 uur 130,4%


De werknemer krijgt geen toeslagen voor uren buiten het dagvenster als hij voor dezelfde uren al ploegentoeslag krijgt of een vergoeding voor overuren.

Bron: artikel 42a

Welke afspraken zijn er voor ploegenuren? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

Er is sprake van een ploegendienst als de situatie voldoet aan de volgende eisen:

  • De werktijden van twee of meer werknemers of groepen van werknemers sluiten op elkaar aan; 
  • De tijd die de verschillende werknemers of groepen in totaal achter elkaar werken, moet meer zijn dan 13 uur;
  • De werknemer wisselt regelmatig (wekelijks meer aaneensluitende dagen) van dienst over een langere periode.

Werknemers die in ploegendienst werken krijgen 114% van het bruto uurloon.

Bron: artikel 20 en 45

Welke afspraken zijn er voor verschoven uren? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

Verschoven uren zijn de volgende drie uursoorten:

  • Uren die de werknemer werkt op tijden die niet op zijn dienstrooster staan. Maar ze tellen alleen als verschoven uren als de werknemer in een periode van dertien weken achter elkaar in totaal niet meer uren werkt dan op zijn dienstrooster staan. Voor deze uren geldt geen toeslag;
  • Uren waarop de werknemer buiten het dienstrooster werkt, om uren in te halen waarop niet wordt gewerkt of waarop niet zal worden gewerkt. Het moet van tevoren vaststaan dat inhalen het doel is van deze uren. Voor deze uren geldt geen toeslag;
  • Uren waarop de werknemer werkt omdat hij niet kán werken op de uren die op zijn dienstrooster staan. Dat de werknemer de uren op zijn dienstrooster niet kan werken komt door omstandigheden in het bedrijf van de opdrachtgever van de werkgever.
    Voor deze uren krijgt de werknemer een toeslag als het uur binnen het dagvenster valt. De werknemer krijgt dan 119.76% van het bruto uurloon. 

Bron: artikel 17, 42 en 43

Welke afspraken zijn er voor werken onder fysiek belastende omstandigheden? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De cao kent geen regeling voor werken onder fysiek belastende omstandigheden.

Welke afspraken zijn er voor reisuren? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

Er is sprake van reisuren als de werknemer moet reizen voor werkzaamheden. Bij gebruik van het openbaar vervoer wordt de reistijd berekend volgens de dienstregeling van het openbaar vervoer. Wanneer de werknemer eigen vervoer of dat van de opdrachtgever gebruikt, wordt de reistijd berekend in redelijke verhouding tot de reistijd van het openbaar vervoer.

De reistijd komt alleen voor vergoeding in aanmerking voor zover de werknemer langer heeft moeten reizen dan hij normaal nodig heeft naar de plaats waarvoor de dienstbetrekking is aangegaan. De vergoeding wordt als volgt berekend:

  • De uren buiten het dienstrooster: 100% van het bruto uurloon;
  • Uren op zondag en uren binnen en/of buiten het dienstrooster op een feestdag: 183,92% van het bruto uurloon.

Bron: artikel 44

Inschaling

Klik hier om de link naar dit onderdeel te kopiëren.
Welke referentiefuncties kent de cao? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

In onderstaande bijlagen vind je de referentiefuncties per functiefamilie.

Bijlagen
Welke loontabellen kent de cao? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De cao kent de onderstaande loontabellen. Bijbehorende bruto uurlonen staan voor uitzendkrachten bij deel B en voor payrollkrachten bij deel C.

  • Volwassen werknemers - werknemers van 21 jaar of ouder.
  • Jeugdige werknemers - werknemers tot 21 jaar die geen bbl-opleiding volgen
  • Inloopperiode - loontabel voor nieuwe werknemers van 21 jaar of ouder die minimaal één jaar werkloos zijn geweest en niet het functieniveau heeft dat hoort bij salarisgroep A. Werknemer mag maximaal 1 jaar in de inloopschaal.
  • Bbl-leerlingen - werknemers tot 21 jaar die een bbl-opleiding volgen.
  • Participatiewet - loontabel voor werknemers met een WSW-indicatie, voor werknemers die in de Wajong zitten en voor werknemers met een arbeidsbeperking die volgens het UWV niet het wettelijk minimumloon kunnen verdienen.

Bron: artikel 32 en 33

Wanneer is er een individuele loonsverhoging? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

Werknemers hebben na elk jaar werkervaring recht op een trede verhoging. Het loon van de jeugdige werknemer gaat omhoog als hij een jaar ouder wordt.

Bron: artikel 34 en 35

Wanneer zijn er (initiële) collectieve loonsverhogingen? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De cao kent de volgende initiële loonsverhogingen:

Datum  Percentage
1 juli 2020 3,5%
1 maart 2021 0,93%


Bron: artikel 41

Vergoedingen

Klik hier om de link naar dit onderdeel te kopiëren.
Welke (onkosten)vergoedingen kent de cao? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De cao kent de volgende (onkosten)vergoedingen:

  • Reiskostenvergoeding werk-werkverkeer
    Als de werknemer moet reizen om het werk waarvoor hij is aangenomen te doen, krijgt hij hiervoor een reiskostenvergoeding. De vergoeding betreft de gemaakte kosten voor de laagste klasse van het openbaar vervoer, of een redelijke vergoeding voor de reiskosten met het eigen vervoer. Maar alleen het deel van de kosten dat hoger ligt dan de kosten die de werknemer normaal gesproken maakt om naar het werk te gaan, worden vergoed.

    Bron: artikel 46
  • Gereedschapsvergoeding
    De werknemer krijgt een redelijke vergoeding voor het door de werknemer zelf aangeschafte en benodigde gereedschap, als de opdrachtgever het gereedschap niet ter beschikking stelt.

    Bron: artikel 82 
  • Verblijfkostenvergoeding
    Wanneer de werknemer moet overnachten voor het werk, dan krijgt hij de pensionkosten vergoed. Daarnaast krijgt hij een redelijke vergoeding voor de verblijfkosten.

    Bron: artikel 47
Welke inhoudingen kent de cao? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De cao kent de volgende inhoudingen:

  • De werknemer kan aan de werkgever vragen om het brutoloon in december te verlagen met de contributie van dat kalenderjaar voor het lidmaatschap van een vakbond. De werkgever betaalt dan aan de werknemer een kostenvergoeding gelijk aan de contributie voor de vakbond. 
  • Van de gedifferentieerde WGA-premie kan de werkgever maximaal 50% verhalen op de werknemers. Dit betreft de gedifferentieerde WGA-premie min de rentehobbeltoeslag.

Bron: artikel 39 en 65a

Deel B: uitzendkrachten

Arbeidsduurverkorting en tijd-voor-tijdregeling

Klik hier om de link naar dit onderdeel te kopiëren.
Kent de cao een adv-regeling? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De werknemer heeft recht op 2 uur arbeidsduurverkorting (adv) per week. Wanneer de werknemer 38 uur per week werkt, zitten de adv-uren in het loon verrekend. Werkt de werknemer 40 uur per week, dan mag de werknemer de adv-uren opbouwen of laten uitbetalen als een bruto vergoeding.

Bron: artikel 18a

Kent de cao een tijd-voor-tijdregeling? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De cao kent voor uitzendkrachten de volgende tijd-voor-tijdregeling: 

  • In overleg met de opdrachtgever kan de werknemer ervoor kiezen om het toeslagdeel van de overuren in betaalde vrije tijd om te zetten.

Bron: artikel 42

Fasesysteem en pensioen

Klik hier om de link naar dit onderdeel te kopiëren.
Bouwt een uitzendkracht pensioen op? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

Vanaf 21 jaar bouwt een uitzendkracht pensioen op bij Stichting Pensioenfonds voor Personeelsdiensten (StiPP). In onderstaande bijlage lees je wanneer en welk soort pensioen een uitzendkracht opbouwt.

Bron: artikel 32 (ABU cao)

Een uitzendkracht doorloopt het fasensysteem. Hoe werkt dit fasensysteem? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De eerste 78 gewerkte weken zit een uitzendkracht in fase A. In deze fase mag de werknemer een onbepaald aantal tijdelijke contracten krijgen.

Na 78 gewerkte weken komt de uitzendkracht in fase B. Deze fase duurt 4 jaar, waarin de werknemer 6 contracten mag krijgen. 

Na fase B krijgt de uitzendkracht een contract voor onbepaalde tijd, dit noemen we fase C.

Bron: artikel 10 (ABU cao)

Vakantiedagen en vakantiegeld

Klik hier om de link naar dit onderdeel te kopiëren.
Hoe hoog is het vakantiegeldpercentage voor een uitzendkracht? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

Een uitzendkracht heeft recht op 8,33% vakantiegeld.

Bron: artikel 18 (ABU cao)

Hoeveel vakantiedagen bouwt de uitzendkracht op? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De uitzendkracht heeft bij elke volledig gewerkte werkmaand recht op 16 2/3 uur vakantie. Dit komt neer op 25 vakantiedagen per jaar.

Een parttime werknemer heeft recht op een evenredig deel van het totaal aantal vakantiedagen.

Bron: artikel 26 (ABU cao)

Ziekte en verlof

Klik hier om de link naar dit onderdeel te kopiëren.
Hoeveel loon krijgt de uitzendkracht doorbetaald bij ziekte? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

Het ziekengeld bij een lopende arbeidsovereenkomst is in het eerste jaar 90%, maar minimaal het wettelijk minimumloon. 

In het tweede jaar is het ziekengeld 80% en wordt het niet aangevuld tot het wettelijk minimumloon.

Bron: artikel 25 (ABU cao)

Is er sprake van een wachtdag? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

Ja, wanneer een uitzendkracht zich ziekmeldt heeft hij één wachtdag. Dit houdt in dat de uitzendkracht op de eerste ziektedag nog geen recht heeft op ziekengeld.

Bron: artikel 25 (ABU cao)

Deel C: payrollkrachten

Arbeidsduurverkorting en tijd-voor-tijdregeling

Klik hier om de link naar dit onderdeel te kopiëren.
Kent de cao een adv-regeling? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De werknemer heeft recht op 2 uur arbeidsduurverkorting (adv) per week. Wanneer de werknemer 38 uur per week werkt, zitten de adv-uren in het loon verrekend. Werkt de werknemer 40 uur per week, dan bouwt de werknemer de adv-uren op.

Bron: artikel 18a

Kent de cao een tijd-voor-tijdregeling? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De cao kent de volgende tijd-voor-tijdregelingen: 

  • De werknemer kan ervoor kiezen om de overuren te vergoeden in betaalde vrije tijd. Hij krijgt dan geld of koopt pensioen voor het toeslagdeel op de overuren. Dit kan per kalenderjaar voor maximaal 10 dagen. In overleg met de opdrachtgever kan de werknemer ervoor kiezen om ook het toeslagdeel van de overuren in betaalde vrije tijd om te zetten.
  • Als bij het verrichten van karweiwerkzaamheden de werktijd inclusief de overeengekomen pauzes en de reistijd (alleen het deel van de reistijd dat de werknemer langer heeft moeten reizen dan hij normaal nodig heeft naar de plaats waarvoor de dienstbetrekking is aangegaan) meer is dan 10,5 uur op een dag, heeft de werknemer recht om de tijd meer dan 10,5 uur in vrije tijd te compenseren (maximaal 6 dagen per jaar).
    De overige uren kunnen alleen in overleg met de werkgever in tijd worden vergoed.

Bron: artikel 42 en 44.6

Contracten

Klik hier om de link naar dit onderdeel te kopiëren.
Wanneer heeft de werknemer recht op een onbepaalde tijd contract? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De werknemer heeft recht op een onbepaalde tijd contract na 3 bepaalde tijd contracten en/of een looptijd van 3 jaar.

Bron: artikel 13

Wanneer is er sprake van een onderbreking van de ketenregeling? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

Na een onderbrekingstermijn van tenminste 6 maanden begint de ketenregeling opnieuw.

Bron: artikel 13

Kent de cao een contractregeling voor seizoenskrachten? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De cao kent geen contractregeling voor seizoenskrachten.

Kent de cao een contractregeling voor bbl-ers of stagiairs? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De cao kent geen contractregeling voor bbl-ers en stagiairs.

Kent de cao een regeling voor uitsluiting loondoorbetalingsverplichting (ULV)? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De cao kent geen regeling voor uitsluiting loondoorbetalingsverplichting.

Alleen wanneer er sprake is van bestendig gebruik bij de opdrachtgever, mag de uitsluiting loondoorbetalingsverplichting in de eerste zes maanden van het contract toegepast worden.

Kent de cao een opzegtermijn? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De cao volgt de wettelijke opzegtermijnen voor de werkgever en voor de werknemer. Als de werknemer wil opzeggen, geldt een opzegtermijn van één maand. Als de werkgever wil opzeggen, dan is de lengte van de opzegtermijn afhankelijk van de lengte van het dienstverband: 

  • Is de werknemer korter dan 5 jaar in dienst, dan geldt een termijn van één maand.
  • Is de werknemer tussen de 5 en 10 jaar in dienst, dan geldt een termijn van twee maanden. 
  • Is de werknemer tussen de 10 en 15 jaar in dienst, dan geldt een termijn van drie maanden.
  • Is de werknemer langer dan 15 jaar in dienst, dan geldt een termijn van vier maanden.

Bron: artikel 16 & bijlage 11M

Vakantiedagen en vakantiegeld

Klik hier om de link naar dit onderdeel te kopiëren.
Hoeveel vakantiedagen kent de cao? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De werknemer heeft recht op 200 vakantie-uren (25 dagen) per jaar.

Bron: artikel 50

Kent de cao een regeling voor extra verlofdagen? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

Werknemers die 54 jaar of ouder zijn, hebben recht op extra vakantie-uren. Deze uren worden opgeteld bij de vakantie-uren waarop de werknemer al recht heeft. Er zijn twee momenten in het jaar waarop een oudere werknemer recht op extra vakantie-uren heeft: op 30 juni en op 31 december van een jaar. Maar alleen als hij op die datum al minstens zes maanden onafgebroken in dienst was bij de werkgever. 

Leeftijd Aantal uren / dagen
54 jaar of ouder 8 uren / 1 dag
57 jaar 16 uren / 2 dagen
58 jaar of ouder 32 uren / 4 dagen
60 jaar 40 uren / 5 dagen
61 jaar of ouder 48 uren / 6 dagen
65 jaar 50 uren / 6¼ dagen


Bron: artikel 51

Hoe hoog is het vakantiegeld in de cao? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De werknemer heeft recht op 8% vakantiegeld. Het vakantiegeld is opeisbaar op 30 juni. 

Bron: artikel 59

Kent de cao een feestdagenregeling? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De werknemer heeft recht op doorbetaling van loon op de volgende feestdagen:

  • Nieuwjaarsdag
  • Tweede paasdag
  • Koningsdag
  • Bevrijdingsdag in een jubileumjaar*
  • Hemelvaartsdag
  • Tweede pinksterdag
  • Eerste en tweede kerstdag

*de cao-partijen stellen een collectieve vakantiedag vast op 5 mei van het jaar dat het een nationale feestdag is. Hiervoor moet de werknemer zijn 25e vakantiedag opnemen. Maar dit hoeft alleen als op het dienstrooster van de werknemer staat dat hij op die dag eigenlijk had moeten werken.

Bron: artikel 19

Ziekte- en (zorg)verlof

Klik hier om de link naar dit onderdeel te kopiëren.
Kent de cao een wacht- of verlofdagregeling bij ziekte? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

Wanneer de werknemer zich gedurende een kalenderjaar voor de tweede keer arbeidsongeschikt meldt, zal de werkgever één dag verrekenen met de vakantiedagen.

Bron: artikel 52

Kent de cao een regeling voor loondoorbetaling bij ziekte? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

Ja, bij ziekte heeft een werknemer recht op loondoorbetaling:

  • De eerste 6 maanden: 100% van het salaris
  • De volgende 18 maanden: 90% van het salaris

Indien de werknemer gedeeltelijk het werk hervat, wordt tijdens de periode van werkhervatting 100% doorbetaald.

Is er vastgesteld dat een werknemer geen kans heeft op herstel? En heeft hij geen resterende verdiencapaciteit? Dan krijgt hij 100% betaald van het salaris dat hij zou verdienen als hij arbeidsgeschikt was geweest.

Bron: artikel 67

Kent de cao een regeling voor kortdurend zorgverlof, calamiteiten of bijzonder verlof? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

Ja, deze verlofregelingen zijn terug te vinden in artikel 61 en 62 van de cao (zie rechtsboven de pagina 'Bron (SZW)').

Bonussen en eindejaarsuitkering

Klik hier om de link naar dit onderdeel te kopiëren.
Kent de cao een eindejaarsuitkering? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De cao kent geen eindejaarsuitkering.

Kent de cao (eenmalige) bonussen? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De cao kent geen (eenmalige) bonussen.

Kent de cao (eenmalige) uitkeringen? Klik hier om de link naar deze vraag te kopiëren.

De werkgever betaalt in de maand februari 2021 aan de werknemer die op 1 februari 2021 in dienst is van de opdrachtgever éénmalig een bedrag van € 306,-.

Bron: artikel 41a